SCHRIJVERSTWIJFEL
‘Weet je dat je moeder in de Margriet staat?’
Nee, dat wist mijn dochter niet en ik wist het zelf ook niet. In de rubriek ‘mail en win’, waar je een boek kunt winnen als je goed motiveert waarom je juist dat boek wilt hebben.
Mijn boek in dit geval: Help, ik zoek mijn passie.
Ik laveer tussen het verlangen dat veel mensen mijn boek zullen kopen, en het gevoel dat het doodeng is dat het in de winkel ligt en misschien helemaal niet verkocht wordt. Af en toe denk ik aan een cartoon van Peter van Straaten; een schrijver staat in de boekwinkel en vraagt een beetje zielig: ‘waarom ligt mijn boek niet bij de kassa?’
In de grote boekwinkel waar ik vaste klant ben, ga ik op zoek maar ik kan het niet vinden.
‘Weet u waar ‘Help, ik zoek mijn passie’ ligt?’
De verkoper weet het ook niet.
‘Ja, ik ben de schrijver …’ zeg ik aarzelend.
Vervolgens vinden we het tussen de managementboeken. Vier exemplaren, in mijn ogen onzichtbaar temidden van de onvoorstelbare hoeveelheid die daar ligt uitgestald. Dit is erg goed voor mijn gevoel van bescheidenheid.
Sindsdien heb ik er niet meer naar gekeken als ik in die winkel kom.
Gelukkig krijg ik af en toe mailtjes van journalisten, die een stukje over het boek willen schrijven en wat aanvullende vragen hebben. Een paar telefonische interviews heb ik achter de rug, voor VolkskrantBanen en voor het Belgische blad de Standaard. Het blad DUS van FNV Bondgenoten en NRC Next gaan er ook over schrijven, en binnenkort staat een stukje in Intermediair.
Vanochtend om kwart voor acht gaat de telefoon. Mijn dochter uit Enschede: ‘Mam, je boek staat in De Twentse Courant/Tubantia, een stuk op twee pagina’s. Wist je dat?’ Zij durft trotser te zijn dan ik.
Bij mij heeft de schrijverstwijfel toegeslagen.
('Help, ik zoek mijn passie' is niet alleen te koop in de boekhandel, ook bij managementboek.nl )
# 03 - 09 - 2010
________________________________________________________
Op 17 juni komt mijn boek van de drukker!!!
HELP, IK ZOEK MIJN PASSIE
en 30 andere mythes over werk en loopbaan
auteur Els Ackerman
ISBN 978 90 491 0394 1 € 14,99
Uitgeverij Spectrum
Rondom werk en loopbaan bestaan vele mythes, die iedereen wel kent:
- 'Je moet werken vanuit je passie'
- 'Werk moet leuk zijn'
- 'Manager is beter dan medewerker'
- 'Boven de vijfendertig ben je al te oud'
- 'Netwerken is iets voor anderen, maar niet voor mij'
- 'Met een gat in je cv maak je geen kans op de arbeidsmarkt'
- 'De beste sollicitant krijgt de baan, dus je was niet goed genoeg als je wordt afgewezen'
en ga zo maar door.
Na een inspirerend gesprek met een van mijn dochters heb ik een lijst gemaakt met loopbaanmythes die ik graag eens zou doorprikken. Misschien omdat ik al zo veel in dit vak voorbij heb zien komen, misschien ook omdat ik vrij nuchter tegen veel zaken aankijk. Die nuchterheid schijnt een van de kwaliteiten te zijn van mijn Loopbaanadviesrubriek op www.intermediair.nl, want dat krijg ik nogal eens als feedback. Blijkbaar weet ik mijn andere kant dan goed te verbergen, want ik vind nuchter niet genoeg. Het motto van mijn eigen bureau is dan ook: 'een pond veren vliegt niet als er geen vogel in zit'.
De meeste hoofdstukken bestaan uit drie gedeelten: een stukje over de betreffende loopbaanmythe, een vraag/antwoord dat in de rubriek op de website van Intermediair heeft gestaan en/of loopbaancolumns uit het papieren Intermediair. De hoofdstukken staan op zichzelf. Je kunt ze achter elkaar lezen of in de inhoudsopgave kijken welke mythes je aanspreken of juist niet. Zie het maar als een discussie over zaken waar je zelf misschien anders over denkt dan ik. Kwaad worden mag ook, want wat ik een mythe vind is misschien voor de lezer een heilige waarheid.
Ik hoop dat ik je nieuwsgierig heb gemaakt.
# 17 - 06 - 2010
________________________________________________________
DE BESTE LOOPBAANBOEKEN VAN HET
EERSTE DECENNIUM
In de eerste tien jaar van de 21e eeuw zijn er meer loopbaanboeken op mijn vakterrein verschenen dan in de vijftig jaar daarvoor. Dit zijn de boeken die ik vaak aan mijn cliënten en aan Intermediairlezers aanbeveel.
1. Jij bent aan Z
Eigentijds loopbaanboek voor twintigers, dertigers en begin veertigers. Toegespitst op de hedendaagse werksituatie, met zowel aandacht voor zelfanalyse als voor praktische informatie.
Uitgeverij Nieuwezijds, ISBN 9789057122613 (tweede editie, 2008). De auteurs zijn Yolanda Buchel, Puck Dinjens, Stefan Heinis, Tanja Huiswit en Lodewijk de Waard.
2. Netwerken werkt
Een boek voor iedereen die merkt dat je er niet komt door alleen te reageren op gepubliceerde vacatures. Netwerken op zijn Nederlands, ontdekken dat je daar zelfs plezier in kunt krijgen. Een boek met uitdagende stellingnames en praktische oefeningen.
Uitgeverij Spectrum, ISBN 9789049103408. Geschreven door Rob van Eeden, en in 2009 al aan de 13e druk toe.
3. Gericht onderhandelen
De ondertitel is 'Haal meer uit je loopbaangesprekken', en het is voor iedereen die wel eens onderhandelt over een opleiding, vakantiedagen, thuiswerken en natuurlijk over salaris.
Uitgeverij Spectrum, 2006, ISBN 98790274 40167. Geschreven door Arjan Broere.
4. Assessment doen
Moet je tijdens een sollicitatieprocedure een assessment ondergaan, dan is dit boek een onmisbaar hulpmiddel. Je weet zo van tevoren ongeveer wat je te wachten staat en dat helpt echt.
Uitgeverij Spectrum, ISBN 9789049102524. Geschreven door Bas Kok en Ferry de Jongh. In 2009 de 14e druk.
5. Handboek freelancen
Voor iedereen die erover denkt voor zichzelf te beginnen. Het verschijnt om de twee jaar, aangepast aan nieuwe wetten en regels. Een uiterst leesbaar naslagwerk over allerlei aspecten van ondernemerschap.
Uitgeverij Nieuwezijds, 2008, ISBN 9789057122620. Geschreven door Tijs van den Boomen en Wilma van Hoeflaken. (ook verkrijgbaar als Handboek Zelfstandigen)
6. Loopbaanzelfsturing
Dit boek zet niet alleen aan tot doen maar vooral ook tot reflectie en nadenken. Boven de veertigers spreekt het meer aan dan de jongste generatie werknemers, heb ik gemerkt. Het bevat een groot aantal modellen en oefeningen en sluit aan bij de Hoogendijk-methodiek waar veel adviseurs mee werken.
Uitgeverij Business Contact, 2008, ISBN 9789047000730. Geschreven door Adriaan Hoogendijk, en in 2008 al aan de 13e druk toe.
7. Vang je eigen schaduw
Een boek dat helpt om naar jezelf te kijken, met papieren workshops als 'kracht en kwaliteit', 'ontspannen', 'knopen doorhakken' en 'veranderen en accepteren'.
Je begint dit boek met het schrijven van je levensverhaal, en maakt daarna een keuze voor workshops die op jou van toepassing zijn. Je moet wel bereid zijn tot reflectie, maar ook tot het vragen van feedback aan anderen die je goed kennen.
Uitgeverij Thema, 2008, ISBN 9789058710901. De auteurs zijn Margriet Bienemann en Rupert Spijkerman.
8. Solliciteren via LinkedIn
Zeer actueel en up to date, met aanwijzingen hoe je de sociale media kunt inzetten om nieuw werk en opdrachten binnen te halen. Met die media kan veel meer dan je als gemiddelde LinkedIngebruiker vermoedt, ongeacht of je gevonden wilt worden door een recruiter of dat je zelf op zoek bent naar nieuwe zakelijke contacten.
Uitgeverij Spectrum, 2009, ISBN 9789049103033. Auteurs zijn Aaltje Vincent en Jacco Valkenburg.
9. Help, ik zoek mijn passie
Dit boek is er nog niet. Het verschijnt in 2010 bij Uitgeverij Spectrum, en de uitgever en ik zijn het nog niet eens over de titel. Het gaat in elk geval over de talloze mythes die er in loopbaanland bestaan, zoals het allesbepalende van de eerste indruk en het idee dat je een passie moet hebben om met plezier te kunnen werken.
Uitgeverij Spectrum, 2010, ISBN 9789049103941. Auteur: Els Ackerman.
# 05 - 01 - 2010
________________________________________________________
DE LAATSTE VRAAG
Het sollicitatiegesprek voor de zware managementbaan loopt op zijn eind, alle moeilijke vragen zijn gesteld. De sollicitant heeft voldoende ervaring, ze heeft zich goed voorbereid.
Een zware dag, dat wel. Twee gesprekken met verschillende commissies. De vragen overlappen elkaar gedeeltelijk, en ze voelt wat irritatie als ze voor de tweede keer haar verhaal vertelt. Waarom ze solliciteert, waarom juist bij deze instelling, wat haar managementstijl is. Ze geeft voorbeelden hoe ze een situatie aanpakt, maar vertelt ook van moeilijkheden waar ze tegenop liep en hoe het verderging.
De spanning glijdt langzaam weg. Het gaat goed, ze maakt contact, ze voelt het. Ze heeft haar huiswerk gedaan: het jaarverslag gelezen, regionale kranten bekeken, het organisatieschema en de website bestudeerd. Rondgebeld in haar netwerk, achtergronden van de verwikkelingen binnen de instelling boven water gekregen. Ze weet zelfs waarom haar voorganger echt wegging, en houdt haar gezicht in de plooi als de voorzitter meldt dat de vacature is ontstaan door interne verschuivingen.
'Dit is het beste gesprek dat ik totnutoe gevoerd heb', zegt ze tegen zichzelf. Ze kijkt terug op uitnodigingen voor interessante functies. De eisen die ze stelt zijn duidelijk: werk dat haar uitdaagt, dat ze niet met haar ogen dicht en drijvend op haar routine kan verrichten. Niet op de winkel passen, maar een organisatie in verandering leiden en zichtbaar resultaat behalen. Voor haar geen glazen plafond.
In de laatste minuten weet ze het gesprek nog een draai te geven die haar in staat stelt haar overige interesses te etaleren. Haar ademhaling is rustig, haar rok van een lengte dat ze ook met haar benen over elkaar kan zitten zonder zich ongemakkelijk te voelen. De koffie is op, de lijstjes zijn van twee kanten afgewerkt. Ze verheugt zich op de lange treinreis naar huis, eerste klas, rustig zitten met een boek en terugkijken op het gesprek.
'Ik heb de baan wel', denkt ze, 'en ik doe het ook'.
De voorzitter kijkt de tafel rond, klaar om af te sluiten. Alom geknik, het is OK zo.
'Dan heb ik zelf nog een vraag,' zegt hij, 'die wil ik toch even kwijt. Mevrouw, kunnen we met u ook nog lachen?'
In de trein vraagt ze zich af hoe ze zo zeker weet dat deze baan niet doorgaat.
# 15 - 10 - 2009
__________________________________________________________________
SCHRIJFLES
Nicolien Mizee is romanschrijfster en ze geeft schrijfles. Dat ontdekte ik toen ze columns publiceerde in de NRC. Over die schrijflessen. Ik las ze met rode oortjes, want ik geef zelf ook schrijfles. In het vakjargon heet dat 'schrijfdocent'. Dat woord hoorde ik pas toen ik al een paar jaar lesgaf; ik had geen idee dat het echt een beroep was.
Eigenlijk is het ook geen beroep, tenminste niet officieel. Mijn collega's zijn journalist, tekstschrijver, leraar aan een middelbare school, wereldreiziger, romanschrijver of logopedist. Net als in mijn 'echte' beroep (loopbaanadviseur) zijn er vele wegen die naar Rome leiden, maar geen enkele weg is officieel erkend.
Lesgeven doe ik dus op een manier die ik zelf heb uitgevonden, ook al heb ik inmiddels talloze boeken in mijn kast over schrijven en alles wat daarmee samenhangt. Nicolien Mizee – las ik in haar biografie - heeft de schrijversvakschool gedaan, maar die leidt op tot schrijver en niet tot docent, voor zover ik weet. En schrijven kan ze.
Haar columns over lesgeven aan de Volksuniversiteit laten de wereld van de schrijfcursisten zien. Van de loodgieter tot de hoogleraar, of zoals ik zelf in een van mijn groepen meemaakte, van fietsenmaker tot gynaecoloog. Mizee geeft haar eigen observaties en haar eigen verwondering. De cursisten willen hun verhaal kwijt en de docent probeert de belangrijkste 'verhalenwet' over te brengen:
'in een verhaal komt iemand tot inzicht, hoe klein ook. Hij denkt iets, dan gebeurt er wat, en dan denkt hij iets anders.'
Op de achterflap van het boekje 'Schrijfles' (uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, ISBN 978 90 388 9111 8) heet dat 'de Eerste Wet van Mizee' : iemand wil iets, dat gaat mis, en dan gebeurt er iets anders…'
Al lezend ontmoet ik zeer herkenbare cursisten en een docent bij wie ik zo in de klas zou willen zitten. Kopen dus, dat boek.
# 22 - 06 - 2009
__________________________________________________________________
RTL Z
Wie kijkt overdag naar de tv? Ik niet, maar blijkbaar genoeg anderen doen dat wel. De zender RTL Z had op 19 juni een korte uitzending naar aanleiding van de nieuwe voorspellingen van het CPB (Centraal Plan Bureau) over de stijging van de werkloosheid. Tot mijn verrassing kreeg ik een uitnodiging om in het panel te zitten en vragen van kijkers te beantwoorden.
Inmiddels staat de uitzending op internet, te vinden via
http://www.rtl.nl/components/financien/rtlz/miMedia/2009/week25/vr_kijker_aan_z_19_juni.avi_plain.xml
Er bestaat vast een handiger manier om dit in mijn weblog te zetten, maar die heb ik nog niet kunnen ontdekken.
Wil je mij in het panel zien en uiteraard horen praten, kopieer de link dan naar je browser. En als je denkt 'wat zit ze toch op die stoel te draaien in het begin', dan klopt dat. In de nieuwsstudio van RTL hebben ze stoelen met wiebelkussens. Speciaal ontworpen om er voor te zorgen dat je 'actief zit' en niet onderuit gaat hangen. Want dan val je van je stoel.
# 21 - 06 - 2009
__________________________________________________________________
REORGANISATIE
'Ik heb me jaren lang te pletter gewerkt voor die tent!'
Bijna vijfentwintig jaar bij dezelfde werkgever en in die tijd is hij opgeklommen van technicus tot zwaarbetaalde manager. Een selfmade man, sportief, stevig, met humor; een echte Amsterdammer die zijn accent nooit helemaal is kwijtgeraakt.
Het bedrijf is aan het reorganiseren.
Ze willen hem niet kwijt, maar gaan hem inzetten op een zware commerciële functie zonder lijnverantwoordelijkheid. Dat doet pijn, na vijfentwintig jaar. Hij weet niet of hij die baan wel wil, ook al omdat hij dan komt te werken onder zo'n manager-nieuwe-stijl die 'de ballen' van het bedrijf weet. En z'n vrouw vindt ook dat hij daar nu maar eens weg moet. Tijd voor bezinning op zijn loopbaan.
In zeer intensieve gesprekken begint hij terug te kijken op zijn leven. De keuzes die hij gemaakt heeft, hoe hij dat deed en wie of wat hem daarbij heeft beïnvloed. Gevoelens komen terug over situaties van lang geleden, bijvoorbeeld over afscheid nemen, winnen en verliezen. Van het verleden maakt hij dan de overstap naar het heden: een analyse van wat hij te bieden heeft, wat haalt een bedrijf met hem binnen, wat is de uitdagigng die hij nu zoekt. Hiermee komt hij bij de toekomst terecht: hoe nu verder. Door de gesprekken krijgt hij een helder beeld van zijn kwaliteiten en zijn belemmeringen.
Langzamerhand gaat hij daardoor mogelijkheden zien om de nieuwe functie op een andere manier in te vullen, maar ook van de voorwaarden die hij daarbij aan de directie zal voorleggen. Hij ontdekt dat de concurrentie in hem geïnteresseerd is. Als hij wil kan hij overstappen, maar zijn loyaliteit ligt duidelijk bij de thuisbasis.
In het afrondingsgesprek met de directie geeft hij duidelijk en goed beargumenteerd aan dat hij kiest voor de nieuwe functie.
'Had je dat niet zonder die loopbaangesprekken kunnen bedenken,' zegt de CEO.
Het antwoord komt meteen: 'zonder die gesprekken was ik negatief aan de baan begonnen; nu heb ik echt een keuze gemaakt en ik begin er met plezier aan.'
De volgende dag gaat hij kennismaken met zijn nieuwe manager.
# 14 - 04 - 2009
__________________________________________________________________
PERFECTE PRESENTATIE
Elke loopbaanadviseur werkt wel eens met een cliënt aan een presentatie. Solliciteren is tenslotte niets anders dan je presenteren, en hoe doe je dat? Het komt ook nogal eens voor dat mensen bang zijn om voor een groep te staan en hun verhaal te vertellen. Of dat ze het moeilijk vinden om tijdens een bespreking of een vergadering uit te komen voor hun mening als die afwijkt van het gemiddelde. Vooral als die afwijkt van de mening van het management.
De meeste adviseurs hebben zelf wel eens een presentatietraining gevolgd en daar geleerd hoe ze moeten staan of zitten, hoe ze met powerpoint of een beamer kunnen omgaan of hoeveel woorden ze maximaal op een sheet of een flipover mogen zetten. Zelf ben ik nooit vergeten hoe een trainer een video liet zien van een spreker die zich vasthield aan een katheder en voortdurend met zijn lichaam van voor naar achter zwaaide zonder dat hij zich daarvan bewust was. Video is een mooi hulpmiddel in trainingen, je ziet jezelf dingen doen die je bij een ander meteen zou aanwijzen als 'doe dat nooit'.
Je kunt ook verkeerd gedrag aanleren tijdens een training, soms door foute interpretatie van de feedback die je kreeg. Ik oefende eens een sollicitatiegesprek met een cliënt die er nogal vreemd bij zat: een beetje gebogen naar voren hangend, zijn handen onder zijn dijbenen geklemd op de stoel. Gewrongen, en zo verliep ook het gesprek.
Na afloop vroeg ik 'waarom ben je de hele tijd op je handen blijven zitten?'
'Ja, ze hebben me ooit tijdens een training verteld dat ik te veel met mijn handen sprak, en dat mocht niet.'
Vanochtend heb ik via internet zitten kijken naar een tv interview met David Bloch, over het onderwerp presenteren. David is een Engelsman die bijna perfect Nederlands spreekt en een expert is in alles wat met presentatie te maken heeft. Hij stuurde me een mailtje met zijn nieuwe adres in het Oosten van Nederland en daarin stond ook de link naar het interview:
http://www.regioz.nl/index.php?elementId=rz_tg_030&filmpje=rz_tg_030&panel=talkshows&img=rz_tg_030&autostart=false
Vijfendertig minuten is lang, maar wel leerzaam. Natuurlijk kreeg hij aan het eind van het interview de gelegenheid voor het pousseren van zijn boek 'Presentatiemythen' (uitgeverij Academic Service, ISBN 90 5261 414 8). Het dateert alweer van enige tijd geleden, maar via www.perfectpresentation.nl is het vast nog wel te krijgen.
# 26 - 03 - 2009
__________________________________________________________________
WAARTOE IS DEZE TENT OP AARDE?

Kantoorjargon is iets anders dan vakjargon. Als loopbaanadviseur kan ik met een cliënt praten over zijn zelfbeeld. Ik kan hem als huiswerk meegeven om feedback te vragen aan bekenden en collega's. Daar hoef ik verder niets over uit te leggen.
Maar een go/no-go datum vraagt om een verklaring, net als bottom up of dossier maken.
Gelukkig is er nu een boekje waar vakjargon en kantoorjargon broederlijk of zusterlijk in verenigd zijn. Carien Overdijk schreef 'Waartoe is deze tent op aarde?' (uitgeverij Nieuwezijds, ISBN 978 90 5712 290 3), een taalkit voor kantoorprofessionals.
Een boekje vol woorden of zinnetjes die nergens anders dan op kantoor te horen zijn, staat in de inleiding. Zinnetjes die soms een eigen leven gaan leiden, zodat je ze ineens in een totaal andere omgeving tegen kunt komen.
Dit taalgebruik is ook aan mode onderhevig. Ik heb al in geen tijden de vraag gehoord 'zullen we dit even kortsluiten?' , maar ik hoor al jaren van mensen dat ze niet met hun manager door de deur kunnen. Oud en nieuw, het staat er allemaal in. Creatief boekhouden, out of the box, pro-actief, stappenplan en aandachtspunt.
Leuk kadootje voor de collega die vaak dit soort woorden gebruikt.
# 13 - 03 2009
__________________________________________________________________
SOLLICITATIE-FRUSTRATIE
Nummer één worden en de baan toch niet krijgen. Deze ervaring staat hoog genoteerd in de toptien van sollicitatie-frustraties. Als troost vertel ik soms het verhaal van mijn eigen eerste sollicitatie.
Het speelt in de tijd dat radio nog een grote plaats inneemt en televisie net begint te komen. Op de middelbare school is ontdekt dat ik een goede microfoonstem heb en het talent om een tekst zo voor te lezen dat het lijkt alsof ik improviseer. Blijkbaar is dat iets bijzonders, want ik krijg een auditie bij een Hilversumse omroep. Al snel zit ik wekelijks als freelancer in een uitzending.
Een andere wereld. Jij en jou zeggen tegen bekende journalisten die veel ouder zijn dan ik. De spanning van live uitzendingen, want alles gaat direct de lucht in. Fanmail van jongens die uit mijn stem opmaken dat ik lang blond haar heb en blauwe ogen, het Veronica-type avant la lettre. Mijn wereld bestaat nu voor driekwart uit radio, de school is bijzaak. En natuurlijk wil ik radio-omroepster worden.
Vlak voor mijn eindexamen zie ik in de krant de advertentie waar ik van droom: omroepster in Hilversum. Ik schrijf een brief en de uitnodiging voor het eerste gesprek valt kort daarna in de bus. Via mijn contacten hoor ik dat er meer dan 350 brieven zijn binnengekomen, voor die tijd zeer veel. De eerste ronde, de tweede en ook de derde overleef ik met gemak. Stemtestjes, oefensessies, alles gaat prima. Tenslotte de uitnodiging voor een gesprek met het bestuur. Via de interne tamtam verneem ik dat ik een van de twee overgebleven kandidaten ben.
Als verlegen negentienjarige kom ik binnen bij de oudere heren van het bestuur. Ze zagen me door over allerlei onderwerpen en tenslotte vraagt de voorzitter 'hoe oud bent u nu eigenlijk?' Want mijn leeftijd heb ik niet in de sollicitatiebrief gezet. Ik weet dat ze iemand van minstens 23 willen, ook al staat dat niet in de advertentie. Op mijn antwoord begint de hele vergadering luid te lachen, en ik voel dat het over is.
Later hoor ik informeel dat ik wel als nummer één geëindigd ben. Ook nummer twee krijgt de baan niet. Het bestuur is zo wijs om een man aan te nemen die niet gesolliciteerd heeft, terwijl ze expliciet een vrouw gevraagd hebben, dat mocht toen nog. Binnen het jaar verdwijnt die man naar een concurrerende omroep. Bij dat bericht voel ik dan wel een tikje leedvermaak.
Mijn leven gaat daarna een andere kant uit. Gelukkig, kan ik nu zeggen. Toen niet.
# 11 - 03 - 2009
__________________________________________________________________
EEN GEWONE BAAN
Jaren geleden kreeg ik een cliënt met een interessant cv. Nico had een unieke combinatie van veel levenservaring en weinig opleiding. Een aantal jaren werkte hij als scheepskok, zag in die tijd alle havensteden van de wereld. Soms bleef hij ergens hangen, pakte dan de baantjes aan die hij krijgen kon. Techniek, dienstverlening, verzorging, je kon het zo gek niet bedenken of Nico had het ooit gedaan. De flexibiliteit ten top. Uiteindelijk was hij gestrand in de veilige haven van huwelijk en gezin. 'De wilde haren zijn eraf', zei hij letterlijk met een glimlach. Die glimlach klopte wel, want hij begon aardig te kalen.
De arbeidsmarkt was ook toen niet zo gunstig, maar ik was toch verbaasd dat hij een adviseur nodig had om werk te vinden. Met zo'n veelzijdige ervaring en zo'n grote flexibiliteit, wat doe je dan nog bij een gewone Nederlandse loopbaanadviseur? Ik had het vermoeden dat hij de mogelijkheden op de arbeidsmarkt beter kende dan ik.
Ik begon dus maar te vragen wat hij wilde. Dat was 'een gewone baan', regelmatige werktijden, geen stress en vooral geen gezeur aan zijn hoofd.
'Hoezo geen stress?', informeerde ik. Nico zag er uit als de rust zelf, zat op de stoel in mijn werkkamer alsof die van hem was. Geen nerveuze bewegingen, geen getik met de vingers, geen ogen die de andere kant uitkeken.
'Nou ja', zei hij, en het bleef even stil, 'mijn vrouw kan er niet zo goed tegen'.
Dat maakte het voor mij nog niet veel duidelijker.
'Vertel daar eens wat over?', vroeg ik dus.
'Ja, die wil het eten precies om zes uur op tafel hebben', was zijn volgende zet.
Het beeld van een Hollands binnenhuisje met de schone gang en handen wassen voor het eten werd langzamerhand helder. Mijn cliënt, avonturier in ruste, had bakzeil gehaald voor de pronte Hollandse huisvrouw met aardappels en jus en eten om precies zes uur 's avonds. Hij voelde zich er niet ongelukkig bij, de wilde haren had hij behoorlijk uitgeleefd en de kinderen waren lief. Nu nog werk waarbij hij gewoon om zes uur thuis kon zijn. Geen continudienst, maar ook geen eigenwijze chef die alles beter wist. Hij had alles al een keer meegemaakt en wist precies wat hij doen moest. Nee, geen kantoorwerk, daar had hij geen geduld voor. Ook niet op de glasfabriek, dat kon alleen in continu. Buschauffeur dan? Nee, dan moest je ook 's avonds werken en in het weekend, dat kon niet voor zijn vrouw. Portier, heb je daar wel eens aan gedacht? Of bewaker in een parkeergarage?
Het soort werk dat paste bij wie hij was, had altijd een ietwat onregelmatige component. Tijdens onze gesprekken zag ik flitsen op zijn gezicht verschijnen bij dat soort banen, maar hij wist ze iedere keer snel uit te doven. Ik weet niet eens meer welke keuze hij uiteindelijk maakte, maar wel dat ik het gevoel had dat de baan meer bij zijn vrouw paste dan bij hem.
Ik zou Nico allang vergeten zijn als ik zijn gezicht de laatste jaren niet regelmatig was tegengekomen op de televisie. Als figurant in soapseries en krimi's, en in allerlei commercials. Ik schat in dat hij zeker bij drie verschillende castingbureaus staat ingeschreven. Of hij nog getrouwd is weet ik niet.
# 09 - 03 - 2009
__________________________________________________________________
DESKUNDIGHEIDSBEVORDERING
De mevrouw die de lezing houdt gaat als een razende door haar tekst heen. Af en toe kijkt ze op, alsof ze met schrik ontdekt dat er ook nog luisteraars zitten. Ik probeer in het begin te volgen wat ze zegt, en merk dat ik allang weet wat zij daar staat te vertellen.
Ik trek een serieus gezicht alsof ik nog steeds bij de les ben, maar intussen vang ik alleen nog losse woorden op. De andere aanwezigen drinken koffie, zitten met het hoofd in de handen, bijten nagels, leunen zwaar met de kin op hun hand, krabben wat in het rond. Op de achtergrond ritselt een schoonmaker met papier en plastic zakken.
Plotseling verandert de stem van de voorleesmevrouw: ze heeft haar tekst losgelaten en vertelt nu gewoon iets bij een schema dat ze vertoont met de overheadprojector. Heel even is ze echt aanwezig, ze maakt nu wel contact met de mensen die er zitten. En dan gaat ze verder met haar tekst, ze heeft het echt goed voorbereid. Straks krijgen we allemaal een kopie van haar verhaal, zei ze in het begin. Ik hoef dus niet meer te luisteren, en ik glijd weer weg in mijn eigen fantasiewereld. Daarin staat iemand een lezing te houden die haar papieren thuis heeft laten liggen, en die daardoor gewoon uit haar duim een verhaal vertelt. Persoonlijk, sprankelend en af en toe even zoekend naar woorden. Zoals ik het zelf zou willen kunnen.
Ik zit nog steeds in de zaal en zie tegenover mij een man letterlijk in slaap vallen. De schoonmaker ritselt nu iets zachter. Ik zie hem af en toe langs schieten bij een open deur achter de spreekster. Mijn fantasie gaat over in een visioen: de schoonmaker is klaar en doet de deur op slot, hij kan weer naar huis. En wij zitten de hele nacht opgesloten met een mevrouw die niet meer kan ophouden en steeds opnieuw haar verhaal afdraait. Tot wij het allemaal in koor met haar mee gaan opdreunen. Tot wij alles weten van dyslexie.
In het visioen doe ik tenslotte vermoeid mijn ogen dicht. Ik voel de rust van mijn ademhaling.
Het applaus is oorverdovend. En de glimlach van mijn buurman veelzeggend.
# 07 - 03 - 2009
__________________________________________________________________
PARACHUTE
De nieuwste druk van 'Welke kleur heeft jouw parachute' ligt op mijn tafel. 'Zware tijden editie', staat op de kaft. Het meest klassieke loopbaanboek, geschreven door Richard N. Bolles (ISBN 978 90 5712 279 8), is geheel aangepast aan de huidige economische situatie. Banen zoeken in zware tijden, staat boven de brief die uitgever Michiel ten Raa (uitgeverij Nieuwezijds) rondstuurt.
Geen idee de hoeveelste druk dit is, dat staat er niet in. Wel een aantal nieuwe namen bij de vertalers. Bolles schrijft in zijn voorwoord dat er al tien miljoen exemplaren gedrukt zijn, en hij heeft nog steeds de energie om elke nieuwe druk voor een deel te herschrijven. Dat doet hij dus al sinds 1970, toen in Amerika de eerste druk verscheen.
Waarschijnlijk is dit het meest complete loopbaanboek op aarde, het wordt ook steeds dikker. Mensen die niet van lezen houden of die dyslectisch zijn zal ik dit boek niet gauw aanraden, in dat geval is het te veel van het goede. De nostalgische illustraties zijn voor heel jonge mensen misschien wat oubollig, maar die generatie leest toch alleen op internet, zegt men. Voor alle anderen kan de Parachute een goede keuze zijn. Toch raad ik altijd aan om in de boekwinkel verschillende loopbaanboeken in te kijken, en dan het boek te kopen waarbij je het gevoel hebt 'dit is echt voor mij'. Eigenlijk zoals je ook een loopbaanadviseur uitkiest.
Helemaal aan het eind van het boek, in bijlage C, staat trouwens een interessant verhaal over het kiezen van een loopbaanbegeleider of adviseur. Verhelderend voor ieder die denkt dat hij een adviseur nodig heeft. Waar moet je op letten, welke vragen moet je stellen, wat zijn de goede en de slechte antwoorden en wat kost het.

# 05 - 03 - 2009
__________________________________________________________________
NETWERKEN
Wat valt er nog meer over netwerken te schrijven dan Rob van Eeden deed in 'Netwerken werkt'? Ik zou het niet weten. Zijn boek staat in mijn lijstje van 'praktische boeken' op deze website, en ik heb het aan ik weet niet hoe veel mensen aanbevolen. Het boek is - of was - een bestseller en Rob kreeg het zeer druk omdat iedereen bij hem een netwerktraining wilde volgen.
Ik heb daar zelf ook even van geproefd tijdens een workshop die Rob gaf op een conferentie voor loopbaanadviseurs. Interessant, plezierig en vooral heel Nederlands. Niet dat overdreven Amerikaanse gedoe dat over de oceaan naar ons toegewaaid is.Blijkbaar valt er toch nog meer over dit onderwerp te schrijven, want onlangs verscheen 'Netwerken. Zo eenvoudig is het (niet).' Weer van Rob van Eeden en uitgegeven door Spectrum, ISBN 978 90 491 0048 3. Deze keer meer over netwerken in het algemeen en minder gericht op netwerkgesprekken als onderdeel van solliciteren of outplacement.
Ik heb er in elk geval een nieuw woord van geleerd: borrelbabbelen. Nu heb ik een hekel aan woorden als babbelen en gebabbel, en borrelbabbelen is in mijn ogen nog een graadje erger. Maar blijkbaar zijn er mensen die deze woorden gebruiken. Misschien omdat het netter klinkt dan borreltafelpraat?
Rob schrijft in zijn inleiding dat hij door anderen werd gestimuleerd van dit nieuwe boek een persoonlijk verhaal te maken. Hij begint dan ook met een prachtige herinnering aan zijn opa, wie het netwerken was aangeboren ook toen niemand het nog zo noemde. Opa was een topverkoper en hij hield van mensen. Houden van mensen en ze aandacht geven is de rode draad die door dit nieuwe boekje loopt.
Het is vormgegeven als een klassiek adressenboekje, en een van de dingen die Rob aanraadt is om dat adressenboekje in ere te herstellen. Niks elektronische adressenlijst, gewoon op papier. Regelmatig aanvullen met de gegevens van nieuwe mensen die je ontmoet, bijhouden dus.O jee, dacht ik toen ik dit las. Ben ik net overgegaan op een elektronische agenda, lekker alles bij elkaar in een beeldschoon apparaatje, daar begin ik dus niet aan.
Het is trouwens een echt netwerkboekje, want het is voor een groot deel geschreven door mensen uit het netwerk van Rob van Eeden. Ze maken allemaal reclame voor hun eigen praktijk, compleet met vermelding van hun websites. Eerlijk gezegd interesseren de ideeën van die mensen mij veel minder dan die van Rob zelf. Ik had graag willen lezen wat hij nog had toe te voegen aan zijn vorige boek, en ik vraag me ook af wat de doelgroep van dit nieuwe boek is. Waarschijnlijk iedereen uit het netwerk van de auteurs, en volgens de rekensommetjes die in het boek staan beslaat dat ongeveer de hele wereldbevolking.
Gelukkig relativeert Rob van Eeden in zijn eigen tekst de waarde van dat gecijfer. En lang niet iedereen is zo'n natuurtalent als de opa van Rob. Ik zeker niet.
P.S. Rob heeft me wel nieuwsgierig gemaakt naar Linkedin.

# 26 - 02 - 2009 __________________________________________________________________
EEN POND VEREN
Een pond veren vliegt niet als er geen vogel in zit. Een paar jaar geleden zag ik deze zin op een prikbord, en wat later ontdekte ik hem ook op een Rotterdamse vuilniswagen. Dat laatste mag misschien vreemd klinken voor mensen die elders in het land wonen, maar in deze stad zijn de vuilniswagens gesierd met dichtregels en andere levenswijsheden.
Een pond veren vliegt niet als er geen vogel in zit. Het raakte me, omdat ik regelmatig meemaak dat mensen in een prachtige baan zitten en zich toch niet gelukkig voelen in hun werk. Ik wijs dan wel eens op de foto van een grote vogel die nu in mijn werkkamer staat, met deze spreuk eronder. Het geschenk van een cliënt die het gevoel kreeg dat hij weer vliegen kon.
'Zit er nog een vogel in?' vraag ik dan cryptisch, maar het leuke is dat iedereen het meteen begrijpt. Voor kleine ondernemers en andere zelfstandigen geldt precies hetzelfde. In het boekje 'Je eigen bedrijf. Ondernemen in een nieuwe tijd' van Gerda en Everdien Hamann staat 'elk bedrijf heeft net zo veel ziel als een ondernemer er in stopt'. Soms is die ziel of die vogel eruit verdwenen, je gaat gewoon nog een beetje harder werken en dan moet het over zijn. Je wordt er toch goed voor betaald? Het is toch zo'n baan waar iedereen jaloers op is? Je droomde toch al zo lang van een eigen bedrijf?
Een huisarts noemde dit eens de 'plichtsbesefvergiftiging', het gedragspatroon waardoor mensen gewoon doorgaan met wat ze doen omdat ze denken dat het van ze verwacht wordt. Ook als dat allang niet meer klopt, als de verliefdheid op de baan is omgeslagen in een haatliefde verhouding die vergiftigend werkt op henzelf en de omgeving. Daar kun je jaren mee doorgaan. Compagnons kunnen elkaar bijna letterlijk doodpesten terwijl ze ooit als vrienden of familie met elkaar begonnen zijn.
Iets beëindigen is misschien net zo moeilijk als iets beginnen. 'Het zal mijn tijd wel duren' klinkt erg berustend, maar daaronder zit de woede of het verdriet en het verlangen naar de vogel. Een punt ergens achter zetten vraagt moed, ook om eerst goed te kijken wat je dan wèl wilt en hoe je dat kunt bereiken. Soms is die punt niet eens nodig, en kun je door een kleinere of grotere verandering in de huidige situatie die vogel weer binnenlaten.
Deze wat filosofische overpeinzing verbreek ik door nog even te zappen met mijn televisie. Het is heel laat op de avond, en snel schiet ik door de verschillende zenders heen. Hé, een bekend gezicht, iemand die een paar jaar geleden bij me langs kwam toen hij op een dood punt zat en nu zeer zichtbaar stralend in het Journaal te zien is. Dat gebeurt wel vaker, zo op afstand volgen wat het resultaat is van eerdere bezinning. Of plotseling een vrouw op straat tegenkomen die het weer druk-druk-druk heeft, en zich gelukkig voelt. Zij weet nu hoe belangrijk die vogel is. Een pond veren is niet genoeg.

# 28- 01 - 2009
__________________________________________________________________
IMAGO
In zijn dure pak ziet hij er uit als een doodgraver. Antracietkleur. Somber. Onwennig. Hij hangt er een beetje in, alsof het twee maten te groot is. Als een pak van zijn vader.
De verzekeringsbranche, daar zit hij in. Moet voldoen aan het imago van betrouwbaar, solide en conservatief. Dat is dus niet gelukt. Boven het pak een aarzelende glimlach en twee stralend blauwe ogen. Ze kijken alsof ze de wereld niet helemaal begrijpen. Jonge honden hebben dat ook, speels en met van die poezelige pootjes die veel later zullen uitgroeien tot de poten van een grote herder.
De kans om uit te groeien heeft hij niet gekregen. Hij paste niet in het team, was te weinig zelfstandig en niet wantrouwend genoeg tegenover klanten die de boel wilden oplichten. Kortom, geen verzekeringsman. Hij begint zijn loopbaantraject met het idee dat er genoeg andere bedrijven in diezelfde branche zijn waar hij terecht kan. Niet dat hij dit vak zo leuk vindt, maar het is een manier om je brood te verdienen. De zee is zijn grote liefde, hij heeft een paar jaar als stuurman gevaren, maar dat is voorbij. Het is nu tijd om nuchter te zijn en pragmatische beslissingen te nemen, zegt hij. Elke keer dat ik hem zie hangt het pak droefgeestiger om hem heen. Het past niet.
Op een dag zie ik hem binnenkomen in een spijkerbroek en een trui. Hij heeft het weekend gezeild. Een andere man. Bruisend van energie. Sterk. Zelfstandig. Iemand die weet wat hij wil. Zo kan hij dus ook zijn, denk ik. En daarover ga ik met hem in gesprek.
Op het ogenblik zwerft hij met zijn eigen boot over de wereld. Betalende passagiers. Niet de levensweg die de meeste veiligheid en zekerheid biedt. Ook niet het hoogste inkomen. Maar voor hem nooit meer het antracietgrijze pak
__________________________________________________________________
KWAAD
De man aan de andere kant van de tafel ademt zwaar. Zijn gezicht is rood en pafferig. Fletsblauwe ogen achter brillen-glazen kijken mij woedend aan. Zijn handen zijn tot vuisten gebald. Zweet staat op zijn voorhoofd.
'Die krantjes daar beneden, in die wachtruimte! Waardeloze troep! En dan stond er ook nog zo'n stuk in over jullie bureau, met een foto van een man in zo'n gelikt pak! Dat is zeker de opperbaas! Waardeloos.'
Hij verwacht geen antwoord. In één moeite door vertelt hij over zijn directeur, de dokter, de psychiater, de wethouder, de afdeling personeelszaken, zijn collega's. Allemaal waar-deloos. Iedereen heeft hem de grond in getrapt. Zijn werk was voortreffelijk, boven iedere twijfel verheven, en nu hebben ze hem in de zeik gezet.
Hij verspreidt de geur van zweet en tabak. De spanning die hij uitstraalt is loodzwaar. Middenin de onderhandelingen met zijn werkgever zit hij nog, en ziekgemeld is hij ook. Vandaar die psychiater, maar daar heeft hij natuurlijk niets aan.
Ik adviseer hem om eerst samen met de vakbond de onderhandelingen met zijn werkgever af te ronden. Dan kan hij - als hij er aan toe is - met een schone lei beginnen aan het outplacement traject.
'Ik was niet anders van plan', gromt hij, 'ik kom nu alleen even kijken omdat het moet.'
'U bent kwaad hè', zeg ik in adviseurstaal.
Onder mijn ogen wordt hij nog roder dan hij al was, hij zwelt op als een grote strandbal. Ik verwacht ieder moment een explosie; zijn gebalde vuisten zijn mokers die direct op mijn hoofd zullen neerkomen, of anders op de tafel. Hij ademt nu zeer zwaar. Als hij zijn mond tenslotte opent zegt hij zachtjes en uitermate ingehouden: 'Kwaad? Ik? Ik ben helemaal niet kwaad!' Gelukkig versta ik ook lichaamstaal.
__________________________________________________________________
WORKSHOP
Haar vingers zijn blauw van het krijt. Op het papier verschijnen cirkels die elkaar lijken op te eten. Energie die tastbaar wordt. Ze loopt achteruit. Met het hoofd schuin kijkt ze op een afstandje naar haar werk. Zo zien haar idealen er dus uit, en zo de levensweg die ze nog te gaan heeft.
Een nieuwe opdracht. Samen met een andere deelneemster op een groot stuk papier een krijttekening maken, tegenover elkaar zittend. Begin maar, en kijk wat er gebeurt. Ieder aan een kant van het papier. Laat het gewoon ontstaan, maar wees je bewust wat je doet. Neem je initiatief? Volg je? Bescherm je jouw terrein? Let je op wat de ander doet of juist niet, en wat voel je daarbij?
Op het lege vel papier ontwikkelt zich een nieuwe wereld. Beeldschoon. Wat zij tekent laat ze naadloos overlopen in de kleuren van de ander. Ieder motief wordt herhaald. Elk hoekje van het blad symmetrisch gevuld. Ze werken om de beurt, en als het klaar is kun je niet zien dat het door twee mensen gemaakt is. Perfect.
Achteraf komen de twijfels. Ze ontstaan als de trainer vraagt: 'herken je dat in je leven, je zo naadloos aanpassen aan een ander dat niet te zien is wie jij bent?' De huilbui die dan losbarst geeft aan dat de spijker op z'n kop is geslagen. En het was nog wel zo'n beeldschone tekening.
__________________________________________________________________
GRIJS
Zo'n pak brieven heeft ze al geschreven. De map krijg ik van mijn collega die het kennismakingsgesprek gevoerd heeft.
'Dan heb je vast een indruk', zegt hij.
Ik begin te lezen en zie dat de brieven gedateerd zijn van vijf jaar geleden tot nu. Dat is niet niks, vijf jaar solliciteren zonder dat er een baan uitkomt die je hebben wilt.
Langzaam krijg ik een beeld van de schrijfster. Acade-mische opleiding, wat onderzoek gedaan, overgestapt naar een ministerie, beleidswerk en plaatsvervangend leiding-geven. Parttime baan. Een baan waaruit ze weg wil, en dat lukt maar niet. Ik probeer de krenten uit de pap te vissen, maar ik kan ze niet vinden. De brieven zijn keurig en saai. Geen taalfout te vinden, netjes getikt in de computer, niet te lang en niet te kort. Maar uit geen enkele brief krijg ik een levend beeld van de vrouw die ze geschreven heeft. Het blijft grijs, kleurloos, onbestemd. Nou, dat kan een hele klus worden.
Twee dagen later hebben we ons eerste gesprek. Ik val zowat van mijn stoel als ze binnenkomt. Niks grijze muis, een leuk kleurrijk en smaakvol gekleed mens dat levenslust en energie uitstraalt. Na de kennismaking stel ik haar de vraag die op mijn lippen brandt: 'hoe komt het dat een kleurrijke vrouw als jij zulke kleurloze sollicitatiebrieven schrijft?' Ze is even stil, en dan vertelt ze dat iemand in wie ze vertrouwen heeft, haar dat ooit heeft aangeraden. 'Dan zullen we er eens aan gaan werken dat je brieven meer op jou lijken,' zeg ik.
Vijf maanden later verhuist ze met haar gezin naar de andere kant van het land. De baan achterna die ze vindt nu ze haar kleuren ook op papier laat zien.
_________________________________________________________________